Bernardus Breunissen (1737-1740)
Voor de opvolging van Berff werd een uitvoerige procedure gevolgd, waarvan een omvangrijk verslag is gemaakt door burgemeester Rogier Sabe. In de zomer van 1737 werden advertenties geplaatst, waarop 11 sollicitaties binnenkwamen. Onder de sollicitanten waren bekende namen als Laurens Sickel uit Amsterdam, later organist in Bergen op Zoom; Dominicus Jaersma uit Maassluis (1733-1753) en M.E. Heinsius uit Arnhem. Ook de jonge Kamper organist Willem Bruinier deed mee. Hij bleek al ver gevorderd, maar nog niet goed genoeg. Als examinator trad op A.C. Stegwey, organist van de Grote Kerk te Zwolle (1737-1775). Uiteindelijk bleek Bernard Breunissen uit Bergen op Zoom de beste als organist, maar vooral als klokkenist. De benoeming vond plaats op 9 november 1737. Als salaris werd afgesproken een bedrag van 400 gulden per jaar. Tot het "examen" had ook een muziekles behoord, want de organist moest ook de wekelijkse repetities verzorgen van het "Musyeq Collegie", oftewel het stedelijk orkest, een amateurensemble dat met steun van de door de stad aangestelde musici openbare concerten gaf. Breunissens taak werd in dat opzicht omschreven als: " [ ... I en aldaer het musyeq mede te exerceren als mede om de jonge jeugt althier des begeert wordende in deselve te oeffenen." In 1739 werd Breunissen ingeschreven als lidmaat van de Gereformeerde Kerk. Lang had men in Kampen geen plezier van de nieuwe organist. Al na drie jaar kwam hij te overlijden. Op 17 oktober 1740 werd hij begraven in de Bovenkerk.

